S Q U A S H 

DE REGELS VOOR HET ENKELSPEL


20. DE TAKEN VAN DE SCHEIDSRECHTER

R21 20.1 De scheidsrechter dient het vragen om een let wel of niet te honoreren en dient rally's toe te kennen; hij dient beslissingen te nemen overeenkomstig de Regels, met inbegrip van alle gevallen waarin de tegenstander door de bal geraakt is of in geval van blessures; hij dient beslissingen te nemen over alle 'appeals', met inbegrip van die tegen het roepen van de marker of het ontbreken daarvan.

De beslissing van de scheidsrechter is onherroepelijk.

20.2 De scheidsrechter dient te beslissen:

R22 20.2.1 na een 'appeal' van één van beide spelers, met inbegrip van een 'appeal' tegen enigerlei ‘Specification’ (Aanhangsels 6 - 9).

En de scheidsrechter dient erop toe te zien dat:

20.2.2 alle ter zake dienende Regels correct worden toegepast

20.3 De scheidsrechter dient zich niet te bemoeien met het roepen van de score door de marker, tenzij naar de mening van de scheidsrechter de score verkeerd is geroepen, in welk geval de scheidsrechter de marker de juiste score zal laten roepen.

* Kanttekening voor de marker/scheidsrechter
Van zowel de scheidsrechter als de marker wordt verlangd de score te noteren.

20.4 De scheidsrechter dient zich niet met het roepen van de marker te bemoeien, tenzij naar de mening van de scheidsrechter de marker een fout heeft gemaakt door het spel al dan niet te stoppen, in welk geval de scheidsrechter onmiddellijk dient te beslissen conform de Regels.

20.5 De scheidsrechter is verantwoordelijk voor het strikt toepassen van de Regels inzake vastgestelde tijden.

20.6 De scheidsrechter moet erop toezien dat de staat van de baan in goede orde is voor de wedstrijd.

20.7 De scheidsrechter kan de wedstrijd toekennen aan een speler, als de tegenstander van die speler niet binnen tien minuten na de vastgestelde aanvangstijd van de wedstrijd klaar op de baan staat.


Designed by InterNet Design